28/08/2017//20:15// Once upon a Time in the West///

Francofonia

Datum: maandag 09 mei 20:15 // woensdag 11 mei 19:00

Land: Frankrijk / Duitsland / Nederland, 2015

Genre: Drama

Speelduur: 88 min

Regie: Aleksandr Sokurov

Met o.a.: Louis-Do de Lencquesaing, Vincent Nemeth, Benjamin Utzerath

Francofonia is het verhaal over twee opmerkelijke mannen, aanvankelijk elkaars vijanden: directeur van het Louvre Jacques Jaujard en nazi-officier Franz Graf Wolff-Metternich. Hun samenwerking was niet zonder risico’s en zou de drijvende kracht worden achter het veiligstellen en behoud van Franse museum- en andere kunstschatten.

Juni 1940. Duitse troepen marcheren Parijs binnen. Een officier, Franz Graf Wolff-Metternich, gaat al snel naar museum het Louvre. Hij is hoofd van Kunstschutz, de Duitse commissie ter bescherming van kunstwerken in bezet gebied. In het Louvre wordt hij ontvangen door Jacques Jaujard, directeur en bedenker van het evacuatieplan voor nationale musea. Het Louvre is – net als andere musea in Parijs – gesloten en nagenoeg leeg. De kunstschatten zijn in augustus 1939 al ondergebracht in landhuizen, net voordat de oorlog werd verklaard. In eerste instantie om ze te beschermen tegen mogelijke bombardementen. Aan kunstroof werd nog niet gedacht.
De aristocraat Wolff-Metternich is een hoogopgeleide, Frans sprekende cultuurliefhebber die een verbond sluit met Jaujard. Gedurende de bezettingsjaren blijft hij zijn superieuren in Berlijn om de tuin leiden en weet te voorkomen dat Franse kunstschatten naar de hoofdstad van het Derde Rijk worden gedeporteerd.

Kunst en macht

Alexander Sokurov onderzoekt de relatie tussen kunst en macht, vraagt zich af wat kunst over ons zelf vertelt, aan de hand van een van de meest vernietigende oorlogsconflicten uit de Europese geschiedenis.
In meerdere films uit zijn omvangrijke oeuvre – documentaire, fictie en een mix daarvan – heeft Sokurov laten zien dat een museum veel meer is dan een plek waar kunst bewaard wordt. Musea vormen het ware DNA van een beschaving, een levend orgaan in de stad, waar het hart van een natie klopt. Tegen de achtergrond van de historie en de kunst van het Louvre, met prachtige archiefbeelden van Parijs, schetst Sokurov een fascinerend en uniek portret van de twee mannen en hun queeste.

Op 29 september 1940 werd het Louvre weer gedeeltelijk opengesteld. De bijbehorende ceremonie werd bijgewoond door Jaujard en Metternich (die een toespraak gaf), Veldmaarschalk von Rundstedt, ambassadeur Otto Abetz. Vanaf oktober 1940 waren enkele van de beelden-galerijen open voor het publiek. Ook konden er ansichtkaarten gekocht worden. Hermann Bunjes, kunsthistoricus en werkzaam voor Kunstschutz, schreef een museum-gids in het Duits. Er werden rondleidingen georganiseerd voor Duitse officieren en soldaten.

Kunst en bezetters

De ‘kunstbeschermers’ werden met een dilemma geconfronteerd: ze moesten samenwerken met de Einsatzstab Reichsleiter (Alfred) Rosenberg (ERR) die in opdracht van de Fűhrer waardevolle kunst moest confisceren van Joodse burgers.
Wolff-Metternich gaf zijn eigen interpretatie aan de bevelen en wist ze te weerleggen, tot steeds grotere ergernis van de Duitse ambassadeur, Alfred Rosenberg en uiteindelijk ook van Rijksmaarschalk Göring zelf.
De spanningen tussen Wolff-Metternich en zijn superieuren in Berlijn liepen hoog op met als gevolg dat hij in 1942 werd weggestuurd uit Parijs. Hij bleef echter vanuit Bonn in nauw contact met zijn stafmedewerkers in Parijs.
Jaujard bleef gedurende de oorlogsjaren in Parijs en reed in zijn oude Renault regelmatig van château naar château om de kunstcollectie’s te inspecteren. Toen de gevechtslinie Parijs naderde, organiseerde hij een beveiligings- en verdedigingssysteem in het Louvre waarbij alle museummedewerkers betrokken waren. De eerste schermutselingen begonnen op 19 augustus 1944. Het grootste gevaar voor het Louvre vormde de nabijheid van Hotel Le Meurice, hoofdkwartier van de Duitsers. Ondanks dat er rond het museum hard werd gevochten voor de vrijheid, was er nauwelijks schade aan het gebouw. Op 25 augustus 1944 reed Generaal Leclerc’s pantser colonne de stad binnen en werd om 16.00 uur de strijd in de Tuilerieën beëindigd nadat de Duitsers zich hadden overgegeven.
Vanaf oktober 1944 werden de kunstcollectie’s teruggebracht naar het museum, dat gedeeltelijk open was gesteld. Jaujard werd hoofd van een Commissie die de door Duitsers geroofde kunstwerken moest opsporen en terugbrengen. Het Louvre opende haar deuren in juli 1945. Men kon de kunstcollectie’s, die nauwelijks beschadigd waren, weer in volle glorie aanschouwen. De door het Pétain regime en de Duitsers geroofde kunstwerken van Joodse slachtoffers hadden het er doorgaans minder goed van afgebracht.

Bekijk de trailer